Succesvolle editie van Febelfin Connect

20/03/2017

Vorige week donderdag vond Febelfin Connect plaats, het jaarlijkse networkingevent van Febelfin. Het fel gesmaakte evenement ging voor het eerst niet door in Brussel maar verhuisde naar Londerzeel waar er met "Den Berg" gekozen werd voor een splinternieuwe locatie waar design en functionaliteit centraal staan.

Deze keuze voor innovatie zette meteen ook de toon voor de inhoud van het evenement. Of zoals Johan Thijs, de voorzitter van Febelfin, zei (met een citaat van Peter Drucker): "The best way to predict the future is to create it".

Op het programma stonden speeches van Michel Vermaerke, Gedelegeerd bestuurder van Febelfin, Johan Thijs, voorzitter van Febelfin en Peter Praet, Economist en lid van het Directiécomité bij de Europese Centrale Bank (ECB).

Nadat de heren hun standpunten duidelijk hadden gemaakt, was het tijd voor een debat over het lagerenteklimaat, digitalisering en Brussel als financieel centrum.

Wie er niet bij kon zijn, kan hier alvast de sfeer opsnuiven (klik op de visual):

U kunt hier de speeches nalezen:

Speech Michel Vermaerke

Beste aanwezigen,

Eerst en vooral wil ik jullie van harte welkom heten hier in “Den Berg”. Het is nog moeilijk denkbaar maar dit is ooit een oude opslagloods geweest die recent werd omgetoverd tot deze mooie locatie waar design en functionaliteit prachtig samengaan.

Daar het mijn laatste keer is en omdat alle goeie dingen uit drie bestaan, wil ik graag drie thema’s meegeven, steeds geïllustreerd door een quote met onderliggende bedenkingen.

Nu, laat mij maar meteen van wal steken met een citaat van de Griekse natuurfilosoof Heraclitus: “Nothing is permanent but change”. Evenmin als de mens, ontsnapt ook de financiële sector niet aan de natuurwetten. Integendeel zelfs, ik denk dat er weinig sectoren zijn die de voorbije tien jaren door zoveel verandering gegaan zijn als de financiële sector.

Deze verandering wordt gedreven door open grenzen, door een Europese en geglobaliseerde wereld, door nieuwe technologieën maar evenzeer door de wijzigende verwachtingen en de toenemende mondigheid van de klant en burger.

Het spreekt voor zich dat deze veranderingen de nodige uitdagingen met zich meebrengen voor de financiële sector. Bij het zoeken naar gepaste antwoorden daarop mogen we de lessen uit het verleden niet vergeten en leggen we ons oor best ook blijvend te luisteren bij de samenleving.

De sector houdt voeling met wat leeft in de wereld en dient die dynamiek proberen te doorgronden. We kunnen daarbij beroep doen op de ervaringen en best practices die we waarnemen in andere bancaire sectoren wereldwijd. Maar ook van andere sectoren, profit en non profit, kunnen we leren.

Als sectorfederatie moeten we, last but surely not least, luisteren naar wat onze eigen leden denken, voelen en wensen.

Ik denk dat de sector, onder het voorzitterschap van de heer Vandenberghe en in overleg met de minister van Financiën, de toezichthouders en andere stakeholders, de afgelopen twee jaar reeds verdienstelijk werk heeft verricht met het initiatief “Brussel als financieel centrum”. Maar de weg is nog lang en er liggen nog veel uitdagingen in het verschiet. Tot zover mijn persoonlijke reflecties over verandering.

De meesten onder jullie zullen de afgelopen week vast hebben opgemerkt dat in een bepaalde media mijn aankondiging tot vertrek als CEO bij Febelfin werd geponeerd als een uitloper van de verdeeldheid binnen onze ledengemeenschap. Waar er meerdere meningen zijn, kan er inderdaad verdeeldheid ontstaan. Dat is eigen aan de aard van een federatie.

In dat kader wil ik graag het favoriete citaat van Abraham Lincoln met jullie delen: “If a house is divided against itself, it will not be able to stand”.

Laat het duidelijk zijn: het is van cruciaal belang dat wij, eerder dan wat ons verdeelt, beter kijken naar wat ons bindt, wat we gemeenschappelijk hebben en wat ons samen sterk maakt. Zoals we in België graag zeggen: “l’union fait la force”. Laten we op deze basis verder werken om ons, op een vertrouwenswekkende wijze, ten dienste te blijven stellen van mens, maatschappij en economie.

Toen ik in 2005 in dienst trad bij Febelfin onder toenmalig voorzitter Luc Vandewalle vertelde hij me dat de Febelfin CEO af en toe bereid moest zijn om in de wind te staan. Wat hij er niet bij had gezegd is dat er ook storm- en orkaankracht bij zou komen kijken.

Van mijn Febelfin periode heb ik alleszins geleerd hoe belangrijk de normen en waarden zijn waar je voor staat, zeker wanneer je in het leven wat wind pakt. Soms terechte kritiek, zoals tijdens de crisis, soms onterechte kritiek, gebaseerd op wat men tegenwoordig catalogeert als “alternatieve feiten” of “fake news”.

Als BV of Bancaire Vlaming heb ik ook mijn deel van fake news en stemmingmakerij gehad, zelfs nog zeer recent. Soit, c’est la vie.

Maar uit gefundeerde kritiek kan je uiteraard ook veel leren. Het is die kritiek die je als organisatie, instelling of bank duurzaam maakt. Voor wie daar niet mee om kan, had Aristoteles al eeuwen geleden een gouden raad: “Er is maar één manier om kritiek te vermijden: niets doen, niets zeggen en niets zijn”.

Zelf kies ik er ook voor om er wél te zijn en soms ook mijn gedacht, bij voorkeur eerst, binnenskamers te zeggen. Praise in public, criticise in private, was het adagium van mijn vroegere baas John J. Goosens.

Laten we hopen dat het de mooie herinneringen en het goede werk zijn die binnen enkele jaren het meeste zullen bijblijven.

Bij het buitengaan zullen jullie dan ook een sweet memory of een doosje chocolaatjes terugvinden in de giftbag die jullie zullen ontvangen. Waarom chocolade? Uiteraard omdat het een op en top Belgisch product is waar we terecht trots en verlekkerd op mogen zijn. Maar ook omdat Febelfin elke dag haar symbolische doos chocolade toegestopt krijgt. Om Forust Gump te citeren: “Life is like a box of chocolates. You never know what you're gonna get”.

En voor het dagdagelijks invullen van deze ‘chocolat box’ wil ik graag hulde brengen aan de collega’s binnen de bankenleden maar ook aan politici, overheden, toezichthouders en sociale partners voor de open en op vertrouwen gebaseerde relatie, ondanks de soms tegenstrijdige belangen en meningen.

Voorts wil ik een zeer bijzonder woord van dank betuigen aan de toegewijde, talentrijke en hardwerkende Febelfin, Febelfin Academy en Ombudsfin Staff leden. Dit team heeft gedurende 12 jaar op vaak creatieve en efficiënte wijze enkele baanbrekende werven weten te openen en realiseren.

Ik hoop dat dit team ook in de toekomst de nodige steun, erkenning en middelen zal krijgen om Febelfin ten dienste te blijven stellen van mens, maatschappij en economie. En dit zoals altijd: voor en door de leden.

Bij deze sluit ik dan ook graag af met een welgemeende dank aan de ex-voorzitters en bestuurders van Febelfin die ons deze steun in het verleden hebben verleend en uiteraard ook aan de huidige voorzitter Johan Thijs, met wie het een waar plezier en voorrecht is de voorbije weken te werken en de laatste maanden te mogen dienen.

Zelf zeg ik niet adieu of vaarwel maar wel “Till we meet again”, in dit of een ander leven.

Johan, the floor is yours.

Speech Johan Thijs

Geachte heer de Gouverneur, geachte heer de voorzitter van de FSMA,

Geachte parlementsleden, toezichthouders, bedrijfsleiders en beleidsmakers,

Geachte mevrouw de Ambassadrice,

Beste vrienden, leden en collega’s,

Namens de Raden van Bestuur van Febelfin en de Belgische Vereniging van Banken en Beursvennootschappen heet ook ik jullie van harte welkom hier in “Den Berg”. Zoals Michel al zei, dit was ooit een oude opslagloods maar het is vandaag ook het levende bewijs dat verandering en vernieuwing tot iets heel moois kunnen leiden.

Sinds de oprichting van Febelfin op 1 januari 2005, nu zo’n 12 jaar geleden, is de sector door heel wat veranderingen gegaan en werd al een hele weg afgelegd. We werden geconfronteerd met ongekende, stormachtige en niet altijd even positieve tijden, en dan druk ik me heel eufemistisch uit. Uit deze markante periode werden duidelijk lessen getrokken. De implementatie hiervan resulteerde, zowel bij de leden als binnen Febelfin, in heel wat organisatorische als strategische vernieuwingen.

Ik wil dan ook van de gelegenheid gebruik maken om mijn voorgangers, en meer in het bijzonder Rik Vandenberghe, de uittredende voorzitter van Febelfin uitdrukkelijk te danken niet alleen voor de geleverde inspanningen maar ook voor de behaalde resultaten.  En om alles in perspectief te zetten: jullie hebben echt geen makkelijke koers moeten rijden, of om het in wielertermen uit te drukken J, vaak steil bergop, in stormachtig weer, met de wind op kop en weinig supporters aan de rand van de weg.  Daarom: Chapeau! Beste Rik, mag ik jou namens alle leden, namens mezelf veel succes toewensen met je nieuwe uitdaging. En zoals je weet, buiten ING zijn er nog goede banken!

Mijn voorgangers zullen het met mij eens zijn: de vermelde Febelfin resultaten kunnen we enkel neerzetten dankzij de steun, toewijding en het harde en onverdroten professionele werk van de 70 Febelfin werknemers, in het bijzonder dankzij de toewijding en professionaliteit van haar CEO, Michel Vermaerke. Beste Michel, dankjewel voor 12 jaar uitmuntend vakmanschap. Voor 12 jaar het beste van jezelf te geven voor een sector die je nauw aan het hart ligt. Dankjewel ook voor de manier waarop we de voorbije 2 weken samen gestart zijn met Febelfin 3.0. Ook dat getuigt van grote klasse.

Dames en Heren, ondanks alle inspanningen en geboekte vooruitgang, moeten we helaas concluderen dat we er nog niet zijn.

Als sector staan we vandaag opnieuw op een kruispunt van enorme strategische, institutionele en organisatorische uitdagingen. We worden geconfronteerd met een hele reeks nieuwe ontwikkelingen, zowel op economisch, technologisch als op wetgevend vlak. U kent ze ongetwijfeld, maar sta me toe er nog even vier voor u op een rij te zetten.

Om te beginnen, alle financiële instellingen werken vandaag in een ongeziene monetaire context. De huidige omgeving van zeer lage en zelfs negatieve rente die nu al een tijdje ons deel is, heeft een negatieve invloed op het verdienmodel van de banken. Ook in 2017 zal deze negatieve invloed duidelijk worden in de resultaten van de banken. In België bijvoorbeeld zal de impact van de herfinancieringen van woningkredieten van 2014/2015 en 2016 vol in de resultaten komen. De verwachting dat de lange termijn interestvoeten nog even laag zullen blijven, zet de banken aan om hun verdienmodel te herbekijken. Daarom, beste politici, is het van cruciaal belang dat banken hun inkomsten diversifiëren, weg van interestafhankelijke inkomsten.

Als de inkomsten verder onder druk staan, dan moeten de banken de kosten naar beneden brengen. Dit is geen uitspraak van mijzelf, maar van mevrouw Nouy, de voorzitster van de  Single Supervisory Mechanism van de ECB.  Een logische uitdaging, maar mogen we dan toch even onderstrepen dat de kosten– vooral dan diegene waarop banken zelf geen vat hebben zoals oplopende banktaksen, de aan nieuwe regelgeving gelinkte IT-investeringen, voor Mifid2, IFRS9, GDPR, PSD2, … en allerhande testen en rapporteringen die we à fur à mesure moeten opleveren, steeds meer gaan doorwegen en niet noodzakelijk toegevoegde waarde creëren.  Zoals elke goede huisvader, kunnen ook wij een euro slechts 1 keer uitgeven of investeren. En elke Euro betekent in onze sector 60-65 cent arbeidsplaatsen.

Als je enkel kijkt naar de winsten die de banken vandaag terug voorleggen, dan zou je denken dat het allemaal nogal meevalt. Sommige kranten vergeleken bankiers daarom zelfs met de immer over het weer klagende boeren.  Maar de realiteit is genuanceerder. Veel banken (en dit in heel Europa) verdienden in 2016 nog altijd minder dan hun kapitaalkost. Dit is op termijn onhoudbaar, zeker als je voor ogen neemt dat de kapitaaleisen voor banken blijven toenemen. Kapitaal wordt immers gegenereerd door ingehouden winst of door investeerders, die hiervoor een return eisen boven de… kapitaalkost. Een sterke winstgevendheid is daarom van cruciaal belang en is samen met een gezond risicoprofiel de enige garantie voor duurzame, stabiele banken die de economie ondersteunen en de burgers vertrouwen geven.  

Dames en Heren, de uitdagingen die ik tot nog toe beschreven heb, zijn van technische financiële aard. Het is als het ware een bijproduct van de essentie, met name de relatie met onze klanten. Deze relatie is al enkele jaren fundamenteel aan het veranderen.  Gedreven door de vele technologische ontwikkelingen, zeg maar de digitale transformatie, worden klanten almaar bewuster, beter geïnformeerd en dan ook veeleisender. Daarom investeren de banken al jaren in innovatie en betere en efficiëntere toepassingen. Traditionele banken krijgen echter steeds meer concurrentie van nieuwkomers die ons bedreigen in ons kernmetier. Innovatieve en wendbare fintech bedrijven maar ook grote technologiereuzen zoals Apple en Google begeven zich graag en gretig op ons terrein. Ze beginnen stilaan aan onze inkomsten te knabbelen, vaak niet gehinderd door een even strikt gereglementeerd kader of dezelfde risicoparameters.

De hele financiële sector dient zich her-uit-te-vinden en te zorgen dat hij mee vooraan blijft zitten in de digitale koers om de klant. We willen niet eindigen in de bezemwagen van het peloton. Digitale transformatie is ook een tweesnijdend zwaard. Enerzijds kunnen we dankzij digitalisering onze efficiëntie en dus winstgevendheid opdrijven. Anderzijds vraagt die digitale innovatie natuurlijk om ingrijpende investeringen en een aangepast business model. De winnaars van morgen zijn de banken, die vandaag beseffen hoe anders de rit wordt gereden. En de fitste, meest agile banken, zullen de eindmeet halen en mee op het podium staan.

Tenslotte, ik ben beland bij nummer 4, leven we ook in een post-Brexit tijdperk waarin de concurrentie onder landen en financiële centra voor toekomstige financiële en bancaire activiteiten intenser dan ooit is en zal zijn. Minister Van Overtveldt heeft een tijd geleden de ambitie geuit om Brussel te laten stijgen op de ladder van financiële centra in de wereld. Om deze ambitie te realiseren komt het er meer dan ooit op aan om NU Brussel/België als financieel centrum verder uit te bouwen. Hiervoor willen we de minister alle steun aanbieden maar zonder de medewerking en inspanningen van de overheid, ook na deze legislatuur, gaat het nooit lukken.

Wie nu verwacht dat ik dieper ga ingaan op de bankentaksen of andere wetgevende initiatieven, zal ik jammer genoeg moeten teleurstellen. Bij mijn aanstelling als voorzitter op 17 februari, een beetje onverwacht en vroeger dan gepland, heb ik me voorgenomen om de eerste 100 dagen geen onvoorbereide uitspraken te doen. We gaan de komende weken en maanden vooral gebruiken om de toekomst voor te bereiden. Eerst eieren leggen en dan kakelen.  Binnen Febelfin zijn we al even bezig met een strategische denkoefening. Bedoeling is om de efficiëntie en slagvaardigheid verder te verhogen zodat Febelfin als eigentijdse sectororganisatie de gemeenschappelijke belangen van al haar leden toekomstgericht en efficiënt weet te bepalen en op een assertieve manier ter harte kan nemen.

Vandaag doe ik een oproep aan de leden Febelfin/BVB en de andere stakeholders, de regering, de regelgevers, de toezichthouders en de sociale partners om samen die toekomst gestalte te geven. We zitten op één schip, en door elkaar te ondersteunen, te vertrouwen en aan één zeel te trekken kunnen we onze rol in de samenleving, met name de ondersteuning van de economie verder kracht bij zetten, wat uiteindelijk de hele maatschappij ten goede zal komen.

Last but not least… Er werd en wordt nog steeds hard gewerkt aan het terugwinnen van het vertrouwen van al onze stakeholders. Individuele inspanningen van de banken blijven nodig om het vertrouwen van klanten in hun eigen bank te vergroten. We moeten als sector durven erkennen dat de samenleving nog niet positief staat tegenover de sector. Veel inspanningen van de afgelopen jaren zijn naast investeringen in productvernieuwing of in digitale innovatie, intern gericht geweest. Sterk gericht op het versterken van de kapitaalposities, het huis op orde brengen, het stroomlijnen en aanpassen van interne processen aan de talrijke nieuwe regels. En dat is vandaag ook nog het geval.

Maar voor een klant blijft de vraag: is mijn bank er in de toekomst ook op de cruciale momenten in mijn leven? De wereld rondom ons staat niet stil. Onze klanten en andere stakeholders staan niet stil. Ze hebben terecht een aantal verwachtingen, soms zelfs op maat. Ze stellen hogere eisen aan de kwaliteit van de dienstverlening. Met andere woorden, die eindmeet, die verschuift steeds weer. De volgende nodige stap die we moeten zetten is de externe vertaling van de bank als betrouwbare partner. Daarbij tonen dat we ook als sector ons gedrag en onze cultuur hebben aangepast, dat we zakelijke en maatschappelijke belangen afwegen en daarover helder communiceren. En dat is iets waar we samen als sector moeten aan werken en waarvoor we de handschoen gezamenlijk moeten oppakken. We moeten de dialoog aangaan en ons als sector gezamenlijk inzetten om het vertrouwen te winnen en vergroten.

Dames en Heren, graag wil ik eindigen met het volgend citaat van Peter Drucker: “The best way to predict the future is to create it.” En dat is precies wat we met Febelfin willen gaan doen. En ik nodig alle andere stakeholders uit om dit samen te doen.

Dankuwel!

Speech Peter Praet

De speech van Peter Praet werd gepubliceerd op de site van de ECB. U kunt deze hier consulteren.

Meer over: